Wijn Info

Hoe wordt wijn gemaakt? Het proces van het maken van wijn wordt ook wel vinificatie genoemd. Het is een interessant en vrij complex proces, waar veel bij komt kijken. Witte wijn wordt weer anders gemaakt dan bijvoorbeeld rode wijn of roséwijn en iedere wijnstreek of wijnbouwer kent ook weer zijn eigen methode om wijn te maken. Toch is er een algemeen proces dat gevolgd wordt bij het maken van wijn. Welk proces dit is, lees je op deze pagina.

Verzorging van de wijngaard

De druiven voor wijn groeien aan druivenstokken, die in de wijngaard staan. De wijngaard moet goed verzorgd worden, want alleen op deze manier groeien de druiven op de druivenstokken op de juiste manier. Dit betekent onder andere dat er regelmatig gesnoeid moet worden om wildgroei te onderdrukken. Hoe vaak en hoe goed er gesnoeid wordt, bepaalt uiteindelijk de omvang en de kwaliteit van de oogst. Verder is ook een goede bodemverzorging van belang in de wijngaard, wat betekent dat onkruid in de wijngaard goed bestreden moet worden. Of regelmatig ploegen nodig is in de wijngaard, is afhankelijk van de hoeveelheid onkruid die er staat. In ieder geval moet de wijngaard dagelijks verzorgd worden, want alleen dan zijn de druiven van voldoende kwaliteit om wijn van te maken.

De oogst van de druiven
Als de druiven klaar zijn voor de productie van wijn, worden de druiven geoogst. Dit kan mechanisch worden gedaan, maar het kan ook met de hand worden gedaan. Zijn de hellingen in de wijngaard steil, dan wordt er vaak gekozen voor een handmatige oogst. In dit geval kunnen er namelijk geen machines gebruikt worden om de druiven te oogsten.

Het verwerken van de oogst
Bij het oogsten van de druiven, is het belangrijk dat de druiven volledig onbeschadigd naar de wijnkelder vervoerd worden. Beschadigen de druiven, dan kan het sap wegvloeien en oxideren. Na het oogsten van de wijn, wordt er goed gecontroleerd of er alleen hele druiven naar de wijnkelders gaan. Kapotte druiven worden uit het aanbod druiven gefilterd en weggegooid. Druiven met schimmels, druiven met bladeren en onrijpe druiven worden ook weggegooid.

Het persen van de druiven
Als er alleen nog goede druiven over zijn, worden de druiven geperst. Bij het maken van witte wijn, worden de druiven vaak direct na de oogst geperst. Bij het maken van rode wijn is dit anders, want hierbij worden de druiven vaak eerst gekneusd en gekweekt.

Er zijn diverse perstechnieken. Welke techniek er gebruikt wordt, is afhankelijk van de middelen die de wijnbouwer in kwestie voor handen heeft. Er kan bijvoorbeeld met hout geperst worden, maar er kan ook geperst worden met verticale handpersen, horizontale persen en pneumatische persen. De laatste persmethode die de wijnbouwer toe kan passen, is de methode van het continuepersen. Hierbij worden de druiven door een schroef of lopende band door een cilinder heen verplaatst.

Klaren en gisting

Bij het gisten van de druiven, veranderen de aanwezige gistcellen vruchtensuikers in alcohol. Ook komt er kooldioxide en warmte vrij. Dit proces wordt ook wel fermentatie genoemd. Wordt er een wijn met veel alcohol gemaakt, dan worden alle vruchtensuikers omgezet. Wordt er een wijn met wat minder alcohol gemaakt, dan wordt een deel van de vruchtensuikers in alcohol omgezet.

Witte wijn moet eerst geklaard (gefilterd) worden, voordat de most die vrijkomt na het persen het gistproces van wijn in gaat. Dit betekent dat steeltjes, schillen en restjes aarde nauwkeurig worden verwijderd. Witte wijn kan stilstaand geklaard worden, maar ook dynamisch. Iedere wijnbouwer past weer zijn eigen methode voor het klaren van wijn toe. Het uiteindelijke doel is dat alleen ‘schone’ wijn het gistproces in gaat, zodat de wijn zo helder mogelijk wordt en de beste smaak heeft. Is het klaren afgerond, dan gaat de most verder gisten en rijpen in tanks of vaten. Na een rustperiode in deze tanks of vaten, wordt de wijn gebotteld. De wijn is nu direct drinkbaar of moet nog verder rijpen op de fles, dit is afhankelijk van de keuze van de wijnbouwer.

Bij het maken van rode wijn of roséwijn, wordt de most ingeweken. Hierbij ontstaat niet alleen de smaak van de wijn, maar ook de kleur van de wijn. Om ervoor te zorgen dat de bestanddelen zo goed mogelijk met elkaar mengen tijdens het gisten, wordt er gebruik gemaakt van roerstokken tijdens het gisten. Deze stokken duwen de vaste bestanddelen die naar boven drijven tijdens het gisten, automatisch weer naar beneden.

Is de gisting van rode wijn of roséwijn afgelopen, dan laat de wijnmaker eerst de zogeheten voorloop van de wijn uitlopen. Hierdoor ontstaat er later perswijn en lekwijn. Perswijn ontstaat door alle vaste bestanddelen en dat wat er overblijft, samen te persen. Lekwijn ontstaat door het uitlopen van de voorloop. Omdat perswijn meer tannine bevat dan lekwijn, is deze wijn over het algemeen van lagere kwaliteit. Perswijn is niet het primaire product van de wijnmaker, maar meer een bijproduct dat eventueel ook verkocht kan worden. Lekwijn is het primaire product uit het vinificatieproces.

Na het klaren van de most van wijn, wordt de wijn in tanks of vaten gedaan. Na een vaste rustperiode, die weer afhankelijk is per wijnsoort, is de wijn klaar om gebotteld te worden. Nu is de wijn direct drinkbaar of moet de wijn nog verder rijpen op de fles. Kiest de wijnbouwer voor het verder rijpen op de fles, dan kan de wijn een tweede gisting ondergaan. Hierna is de wijn wel klaar om gedronken te worden. Lees hier meer informatie over Champagne en Port.